/sfeerstrook/helios /sfeerstrook/klimaat /sfeerstrook/vogelrichtlijn http://www.greenpeace.nl
 
Home Contact
Begrippen Nieuwsbrief
Sitemap Links
Het project Zon Op School is er voor basisscholen in Zeeland

Aanmelden voor de nieuwsbrief

COS Zeeland
AdFair

RSS-embleem
Wat is rss
Thema's [ subthema ]
Lucht


Luchtvervuiling is een wereldwijd probleem. De meeste en grootste bronnen van vervuiling zijn te vinden in de geïndustrialiseerde landen, maar doordat de vervuilende stoffen zich makkelijk in de atmosfeer verspreiden hebben ook andere landen ermee te maken. De luchtkwaliteit in Nederland wordt voor ongeveer de helft bepaald door de luchtvervuiling uit andere landen. De laatste jaren worden ‘schone’ landen ook nog op een andere manier met luchtvervuiling geconfronteerd, namelijk in de vorm van handel in vervuilingsrechten.

 

Luchtverontreiniging heeft niet alleen betrekking op stoffen die giftig zijn of directe schade kunnen toebrengen aan het milieu of de gezondheid. Ook de uitstoot van CO2 en andere zogenoemde broeikasgassen levert een bijdrage aan de luchtverontreiniging. Zoals iedereen onderhand wel weet dragen broeikasgassen bij aan de opwarming van de aarde, met als meest vergaande effect het afsmelten van de poolkappen en daarmee een stijging van de zeespiegel. Ook is de opwarming van de aarde verantwoordelijk voor het uitsterven van een groot aantal planten- en diersoorten.

 

De belangrijkste bronnen van luchtverontreiniging in Nederland zijn de industrie en het verkeer. Ook de landbouw levert een bijdrage aan de luchtvervuiling, vooral vanwege de uitstoot van ammoniak, waarmee het verantwoordelijk is voor de helft van de verzuring in Nederland. In al deze sectoren wordt hard gewerkt om de uitstoot van schadelijke stoffen terug te brengen. Nederland en de andere Europese landen zijn wel gedwóngen de luchtvervuiling aan te pakken, want in Europees verband zijn hierover harde afspraken gemaakt (NEC-richtlijn en het Gotenborg-protocol).

 

Eind 2003 heeft de ministerraad een pakket maatregelen goedgekeurd (Uitvoeringsnotitie verzuring en grootschalige luchtverontreiniging 2003 ‘Erop of eronder’) om de uitstoot van luchtvervuilende stoffen terug te dringen. Het kabinet geeft hiermee invulling aan de EU-richtlijn Nationale Emissieplafonds, die erop gericht is om in 2010 de milieukwaliteit in Europa te verbeteren. Per lidstaat zijn daarom emissieplafonds opgenomen voor de uitstoot van zwaveldioxide (SO2), stikstofoxiden (NOx), ammoniak (NH3) en vluchtige organische stoffen (NMVOS). Het kabinet heeft voor deze stoffen per sector maxima opgesteld. De verdere uitwerking vindt de komende jaren plaats. Daarbij krijgen de sectoren zoveel mogelijk vrijheid om zelf invulling te geven aan de plafonds, maar de plafonds zelf staan niet ter discussie.

 

Om de uitstoot van zwaveldioxiden terug te dringen denkt de overheid aan de overgang van kolencentrales op gasstook of ontzwavelde stookolie en de introductie van zwavelarme benzine. De terugdringing van de uitstoot van stikstofoxiden zal vooral door het verkeer moeten gebeuren. Hoe, dat moet in de loop van dit jaar (2004) blijken. Ook emissiehandel door de industrie kan op papier bijdragen aan reductie van de uitstoot van stikstofoxiden. Door aanscherping van de regels voor het uitrijden van mest en het gebruik van ander veevoer moet de landbouw zorgen voor verdere afname van de emissie van ammoniak. Boerenorganisatie LTO Nederland heeft hierover afspraken gemaakt met staatssecretaris Van Geel (milieu). Op basis van de huidige cijfers zal de hoeveelheid ammoniak uit de veehouderij in de periode 1990-2010 worden gehalveerd.

 

Het is volgens het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) allerminst zeker dat Nederland de uitstoot van bovengenoemde vervuilende stoffen kan terugbrengen tot onder het niveau van de plafonds. Veel beleidsvoornemens zijn namelijk onvoldoende concreet, meent het RIVM. Het blijft daarmee onduidelijk welk aanvullend beleid in de komende jaren nodig is om de uitstoot voldoende te beperken. Alleen voor ammoniak lijkt het doel bij uitvoering van het huidige beleid binnen bereik. Volgens LTO gaat het Nederlandse ammoniakbeleid tegen eerdere beloftes in verder dan wat Brussel voorschrijft, met name op het punt van zonering van ammoniakemissies.

 

De aanwezigheid van cfk’s (chloorfluorkoolwaterstoffen) in de atmosfeer zorgt voor specifieke problemen. Deze stoffen, onder meer gebruikt als drijfgassen in spuitbussen en als koelvloeistof, tasten de beschermende ozonlaag aan. De industrie heeft inmiddels stoffen ontwikkeld die cfk’s kunnen vervangen en die niet schadelijk zijn voor de ozonlaag, maar die wel het broeikaseffect versterken.

 

Ook smog is een typische vorm van luchtverontreiniging, die zich uitsluitend manifesteert tijdens bijzondere weersomstandigheden, zowel 's zomers als 's winters. Zomersmog bestaat vooral uit ozon, fijn stof en, in mindere mate, stikstofoxiden en zwaveldioxide. Wintersmog bestaat uit een mengsel van voornamelijk fijn stof en zwaveldioxide. De aanwezigheid van fijn stof in de lucht zorgt in toenemende mate voor problemen.

 

Onderwerpen


Links
  • Ministerie VROM
  • Milieu Centraal
  • RIVM
  • Milieuloket over smog
  • Uitstoot kankerverwekkende stoffen
  • Stichting Natuur en Milieu

    Documenten


    Terug