/sfeerstrook/helios http://www.greenpeace.nl /sfeerstrook/vogelrichtlijn /sfeerstrook/klimaat
 
Home Contact
Begrippen Nieuwsbrief
Sitemap Links
Het project Zon Op School is er voor basisscholen in Zeeland
Zeeuwse Klimaatweek 2010

Aanmelden voor de nieuwsbrief

COS Zeeland
AdFair

RSS-embleem
Wat is rss
Thema's [ subthema ]
Bodem


Door allerlei oorzaken in het verleden is op tal van plaatsen in Nederland de bodem in meer of mindere ernstige mate vervuild. Verontreinigde bodems kunnen gevaren opleveren voor mens of milieu. Bovendien belemmert bodemvervuiling allerlei wenselijk geachte ruimtelijke ontwikkelingen. Kortom, een schone bodem is van essentieel belang voor een goede leefbaarheid. Het spreekt dan ook vanzelf dat de Nederlandse overheid het als een belangrijke taak ziet om de kwaliteit van de bodem te beschermen en waar nodig te verbeteren.

 

Nederland streeft naar een duurzaam (of althans: duurzamer) bodemgebruik. Dat wil zeggen dat een gebruiker van de bodem de plicht heeft om er zorgvuldig mee om te gaan, zodat toekomstige gebruikers niet beperkt worden in de gebruiksmogelijkheden. Het bodembeleid sluit aan bij het nieuwe Europese landbouwbeleid, dat boeren voor het verkrijgen van inkomenssteun verplicht om hun grond in goede milieuconditie te houden. Een duurzaam bodembeheer leidt ook tot een betere waterkwaliteit, doordat minder verontreinigende stoffen in het water terecht kunnen komen.

 

Het rijk (ministerie van VROM) ontwikkelt het bodembeleid, de uitvoering ervan berust bij provincie en gemeenten. Zij zijn het aanspreekpunt ingeval van specifieke gevallen van bodemverontreiniging en moeten bij beslissingen over het gebruik van de bodem een beoordeling maken van de mogelijke effecten van het bodemgebruik. VROM faciliteert de lagere overheden bij de uitvoering van het beleid. Het bodembeleid onderscheidt ernstig verontreinigde grond, lichtverontreinigde grond en schone bodems. Ernstig verontreinigde grond moet in principe worden gesaneerd, licht verontreinigde grond moet blijvend worden beheerd en schone grond moet schoon blijven.

 

In de jaren 80 werd duidelijk dat in Nederland bodemvervuiling uit het verleden een groot probleem vormt. Van de totale omvang hiervan bestaat nog geen compleet beeld, maar naar schatting bedraagt het aantal ernstig verontreinigde locaties, ontstaan voor 1 januari 1987, ongeveer 175.000. Dit betreft vooral (voormalige) bedrijfsterreinen en stortplaatsen. Voor de aanpak van ernstige bodemverontreiniging op bedrijfsterreinen verleent de overheid subsidie. De hiertoe gemaakte interim-regeling ( Bedrijvenregeling bodemsanering ) wordt uitgevoerd door provincie of gemeente. Zij stellen een subsidieverordening op, op basis waarvan eigenaren of erfpachters van bedrijfsterreinen (vooruitlopend op de wettelijke regeling) subsidie kunnen aanvragen voor het saneren van ernstig verontreinigde bodems. Waarschijnlijk dit jaar (2004) komt er een wettelijke verplichting om dergelijke bodems te saneren.

 

Ook particulieren hebben met het fenomeen bodemverontreiniging te maken. Een koper van een huis of stuk grond heeft een zogenaamde onderzoeksplicht . Dit houdt een verplichting in om uit te zoeken of er mogelijke bodemverontreiniging aanwezig is. De verkoper en makelaar hebben een mededelingsplicht : zij zijn verplicht om de nieuwe eigenaar te informeren als bekend is dat de bodem is vervuild. Voor huizen die na 1992 gebouwd zijn (voor gesubsidieerde huizen na 1987) moet er bij de gemeente een geschiktheidsverklaring ( schonegrondverklaring ) aanwezig zijn. Dit houdt in dat het huis op niet-ernstig verontreinigde grond gebouwd is. Als een dergelijke verklaring aanwezig is, hoeft geen verder onderzoek verricht ten worden.

 

Gemeenten zijn op basis van de Wet bodembescherming verplicht om eigenaren op de hoogte te stellen van gevallen van ernstige bodemverontreiniging. De overheid kan een burger of een bedrijf verplichten om een ernstig verontreinigde bodem te saneren. Deze verplichting geldt niet als de betreffende burger of bedrijf kan aantonen niet betrokken te zijn geweest bij de oorzaak van de verontreiniging of bij aankoop van het terrein niet wist en niet kon weten dat de bodem was verontreinigd. In de praktijk verplicht de overheid burgers die in het verleden verontreinigde grond hebben gekocht niet snel tot sanering. Het bevoegd gezag voor saneringen is de provincie of één van de zogenaamde grote gemeenten.

 

Op basis van de Woningwet is voor nieuwbouw en voor uitbreiding van gebouwen een bodemonderzoek noodzakelijk, al geldt hiervoor in bepaalde gevallen een (gedeeltelijke) vrijstelling. Gemeenten kunnen een bodemonderzoek eisen als bedrijven een milieuvergunning aanvragen.

 

 

Onderwerpen


Links
  • Ministerie VROM
  • Milieu Centraal
  • RIVM

    Documenten


    Terug