Hoeveel mensen kunnen er op de aarde wonen?
Het ligt voor de hand om ons bij het beantwoorden van die vraag eerst af te vragen hoeveel monden er gevoed kunnen worden. Op dit moment zijn er ruim 6 miljard mensen. Waar ligt de grens?
Het ‘wereldvoedselvraagstuk’ richt zich echter niet op de eerste plaats op het beantwoorden van deze vragen. Het voedselvraagstuk is veel meer een verdelingsvraagstuk. Op geen enkel ander terrein is de tegenstelling tussen arm en rijk, tussen ‘Noord’ en ‘Zuid’, zo sterk als bij de beschikbaarheid aan voedsel en de kwaliteit ervan.
In de rijke landen gaat de landbouw bijna aan haar eigen succes ten onder. Door de ontwikkeling van de landbouwtechnologie en de inzet van kunstmest, gewasbescherming en nieuwe rassen is de productie in enkele decennia omhoog geschoten. De overschotproductie kost veel geld en levert de boer nauwelijks een inkomen op. Een schoolvoorbeeld van een doorgeschoten ontwikkeling, niet duurzaam.
In arme landen zijn er enkele honderden miljoenen mensen die niet genoeg te eten hebben. De voedselzekerheid van een nog veel grotere groep is niet gegarandeerd. Door de snel groeiende bevolking wordt de druk op de beschikbare landbouwgronden steeds groter. Mondiaal neemt het areaal vruchtbare cultuurgrond af door erosie, verzilting en uitbreiding van nederzettingen.
Voedsel in Nederland lijkt geen probleem te zijn. We hebben er genoeg van. Maar hoe zit het met de kwaliteit? Hoe wordt ons voedsel geproduceerd en wat zijn de effecten van deze moderne productiemethoden? Genetische manipulatie, bio-industrie, dierenwelzijn, smaakvervlakking en voedselveiligheid zijn onderwerpen die in Nederland en de westerse wereld steeds actueler worden. Verontreiniging van bodem- en oppervlaktewater, uitbraken van dierziekten als varkenspest, mond- en klauwzeer en vogelpest geven aan dat we door grenzen heen zijn geschoten. De landbouw is niet duurzaam.
De afstand tussen de boer en de consument is te groot geworden. Consumenten vinden het de gewoonste zaak van de wereld dat de schappen in de supermarkt altijd rijkelijk gevuld zijn. De betrokkenheid bij de productie van voedsel – op de boerderij – is verdwenen. Tussen boer en consument staan vele schakels en soms grote afstanden.
Zowel binnen als buiten de landbouw is het besef aanwezig dat ook de landbouw op duurzame leest geschoeid moet worden. Biologische landbouw, geïntegreerde teelt en tal van experimenten zijn stappen in een goede richting. Maar er is veel meer nodig, op en veel grotere schaal. Er is nog een lange weg te gaan.
Ook in Zeeland zitten de boeren in de hoek waar de klappen vallen. Het inkomen loopt al jaren terug, terwijl ze noodzakelijke milieumaatregel als een last ervaren. Het lijkt erop dat de samenleving de landbouw de rug toekeert. De bereidheid binnen de landbouw om tot een ombuiging te komen moet wel draagvlak krijgen bij burgers en politiek. Dat betekent vrijwel zeker dat we bereid moeten zijn een betere prijs te betalen voor een duurzaam geproduceerd product.
Boeren in ontwikkelingslanden verdienen ook een ‘eerlijke’ prijs.
Verwante onderwerpen op deze website:
Voeding
Tuinieren
Beleid landbouw en voedsel
|