Klimaatverandering
Klimaatveranderingen zijn van alle tijden. In het verleden zijn grote en kleinere IJstijden afgewisseld door warme perioden. Naast klimaatveranderingen die hele geologische tijdperken beslaan, zijn er veel kleinere klimaatschommelingen die van veel kortere duur zijn. Om van klimaatverandering te kunnen spreken worden de temperatuur- en weergegevens over een periode van zo’n 30 jaar bekeken. Klimaatverandering is in wezen een natuurlijk proces.
De toenemende aandacht voor klimaatverandering in de afgelopen 20 jaar komt voort uit het besef dat door invloed van de aanwezigheid van de mens op aarde de klimaatveranderingen (veel) sneller verlopen. De door de mens veroorzaakte ‘klimaatversnelling’ heeft, en daar zijn we steeds meer van overtuigd, zulke grote gevolgen, dat we nu spreken van een complex wereldprobleem.
De klimaatverandering is misschien wel hét grootste mondiale milieuvraagstuk. Het raakt direct de overlevingskansen van grote delen van de wereldbevolking en ecosystemen. De door de mens versnelde klimaatverandering wordt aangedreven door een versterking van het natuurlijke broeikaseffect. Onder meer door het gebruik van fossiele brandstoffen (olie, kolen, gas) wordt het gehalte aan CO2 en andere ‘broeikasgassen’ in de atmosfeer steeds hoger. Daardoor warmt de aarde op. De gevolgen daarvan kunnen steeds beter ingeschat en voorspeld worden.
De belangrijkste gevolgen zijn een stijging van de zeespiegel en klimaatsverruwing, waardoor de extremen in het weer (droogte, regenval, stormen) toenemen of sterker worden. Hierdoor wordt de kans op overstromingen, schade en slachtoffers steeds groter. Daarnaast speelt de vraag of de natuur wel in staat is zich zo snel aan te passen aan klimaatveranderingen. Of ecosystemen niet zo verstoord raken dat het een onomkeerbaar proces is.
Klimaatverandering is bij uitstek een duurzaamheidsvraagstuk. Enerzijds neemt de huidige generatie, door zijn grootschalige fossiele energiegebruik en het kappen van bossen een enorme hypotheek op de toekomst. We zadelen komende generaties op met problemen die we nu nauwelijks kunnen overzien. Anderzijds zijn arme en rijke wereldburgers heel verschillende betrokken bij klimaatverandering. De rijke industrielanden zijn voor driekwart verantwoordelijk voor de klimaatverandering, terwijl de inwoners van arme landen het meest te vrezen hebben van de gevolgen. Een land als Bangladesh met 120 miljoen inwoners kan zich nauwelijks wapenen tegen een zeespiegelstijging.
In Nederland is klimaatverandering een hot item. Nederland heeft door de lage ligging en als deltagebied veel te vrezen. De voorspelde zeespiegelstijging en de groeiende waterafvoer door de grote rivieren zijn aanleiding om het hele waterbeleid en de wijze waarop we ons tegen overstromingen beschermen grondig te herzien.
Ook in Zeeland, deltagebied bij uitstek, is het waterbeleid hierdoor volop in discussie. De grondgedachte is dat we meer in moeten spelen op de natuurlijk bewegingen van het water. Heel concreet speelt dit bijvoorbeeld bij de discussie rond de verdieping van de Westerschelde. Een verdere verdieping (ten bate van de scheepvaart en de economische groeikansen van onze zuiderburen) betekent dat meer water uit de Noordzee de Schelde in kan stromen, waardoor het aanwijzen van overloopgebieden en ontpoldering noodzakelijk worden.
De opgave om het tij te keren is immens. Van de opeenvolgende mondiale klimaatconferenties worden maar weinig successen gemeld. Vooral de VS liggen dwars. Maar ook voor Nederland geldt: het terugdringen van de CO2-uitstoot blijkt een zware opgave en de ontwikkeling van duurzame energiebronnen (zon, wind, water) gaat veel te traag. De dilemma’s zijn ook in Zeeland duidelijk: de weerstand tegen windmolenparken is de laatste tien jaar alleen maar gegroeid.
Er is op het internet veel informatie te vinden klimaatverandering en aanverwante onderwerpen.
|